Hulp aan veel dieren . De dierenambulance is er voor allerlei dieren . Een hondje dat langs de autoweg dwaalt . Een kat die klem is komen te zitten in een hek . Een zieke egel in het bos . Een aangereden eend . Zodra er een melding binnenkomt , beoordeelt een medewerker van de dierenambulance of het nodig is dat er een ambulance komt . Het kan gaan om een ziek of gewond huisdier . Of om een zwerfdier , dat is een dier dat buiten zwerft , maar eigenlijk bij mensen hoort te wonen . Zoals een hond of een kat . Ook zieke of gewonde wilde dieren gaan met de dierenambulance mee . Zoals hazen , vossen , vleermuizen of vogels . Eigenlijk elk dier dat in de ambulance past , mag worden opgehaald . Behalve vee , zoals koeien en varkens . Die mogen alleen in veewagens worden vervoerd . Ook paarden mogen niet mee , dat heeft de regering zo besloten .
De ambulance . De dierenambulance is meestal wit met geelgroen gestreepte balken . Ook staat er een plaatje met een slang op de wagen . Het is een herkenningsteken van doktoren . Op het dak heeft de dierenambulance een oranje balk met zwaailichten . Ze mogen aan , als de wagen stilstaat langs een drukke weg . Elke dierenambulance heeft aan de achterkant een rij schijnwerpers op het dak . Hierdoor hebben de medewerkers licht in het donker . Een dierenambulance mag niet met zwaailichten rijden . Ook mag hij geen sirene gebruiken en niet door rood licht rijden .
Wat gebeurt er met de dieren ? De mensen van de dierenambulance zijn geen dierenartsen . Ze zorgen vooral voor het vervoer van dieren . Ze zorgen dat een dier op de juiste plek terechtkomt . Vaak is dat eerst bij de dierenarts om te worden behandeld . De dierenhulpverleners geven wel eerste hulp . Maar alleen de eerste hulp die echt nodig is . Bij vogels is dat water geven . Of bijvoorbeeld verband leggen om gewonde poten van een hond . En soms heeft een dier extra lucht nodig . Daarvoor zijn er in de ambulance een zuurstoftank en zuurstofkap . Ondertussen wordt het dier zo snel mogelijk naar de dierenarts vervoerd .